
In de reeks ‘Nieuwe energie voor Groningen’ besteden we steeds aandacht aan één onderdeel van de energietransitie. Deze keer gaat het over zonne-energie. Je ziet zonne-energie op veel plekken in onze provincie: van panelen op daken tot zonneparken in het landschap.
In vijf vragen vertellen we hoe zonne-energie wordt opgewekt, waar je het tegenkomt en welke keuzes we maken in Groningen.
Zonne-energie komt in Groningen op verschillende plekken voor: op daken, op de grond en zelfs op water. Samen met wind zorgt zonne-energie voor een groot deel van onze duurzame stroom.
De bekendste vorm zijn zonnepanelen op woningen en gebouwen. Op veel daken liggen zonnepanelen die stroom opwekken voor direct gebruik. Er zijn ook grotere systemen, zoals zonnedaken op stallen, bedrijfshallen, winkelcentra en parkeergarages. Deze daken zijn groot en wekken daarom veel stroom op. Vaak gebruiken bedrijven die stroom zelf of delen ze die met anderen.
Ook zijn er zonneparken: grote velden met zonnepanelen, vaak op landbouwgrond. Deze parken wekken elektriciteit op voor het openbare net. Die stroom gebruiken huishoudens, bedrijven en instellingen.
Zonnepanelen kunnen ook op water liggen, bijvoorbeeld op voormalige zandwinplassen. Op zee wordt deze toepassing nog verder ontwikkeld.
Naast elektriciteit kan zonne-energie ook warmte leveren. In Dorkwerd staat bijvoorbeeld een zonthermiepark op een voormalig slibdepot. Daar liggen zonnecollectoren die zonlicht omzetten in warmte. Die warmte gaat via een warmtenet naar woningen en wordt gebruikt voor verwarming en warm water.
We gebruiken elke dag veel energie om te wonen, werken en leven. We verwarmen onze gebouwen steeds minder met aardgas en vaker met een warmtepomp of via een warmtenet. Ook rijden we vaker elektrisch. Daardoor hebben we steeds meer elektriciteit nodig.
Zonne-energie is samen met windenergie een belangrijk deel van de energievoorziening van de toekomst in Groningen. Met zon en wind wekken we een groot deel van de energie op die we nodig hebben voor een toekomst zonder aardgas. Zon en wind zijn logische keuzes: ze zijn er volop en raken niet op.
Gemeenten, provincie en waterschappen werken samen om voldoende duurzame energie op te wekken. Dat doen zij in de Regionale Energiestrategie (RES). Daarin zijn afspraken gemaakt over hoeveel energie nodig is en waar die het beste kan worden opgewekt. In Groningen is afgesproken dat we in 2030 samen tenminste 5,7 terawattuur (TWh) duurzame energie opwekken, onder andere met zon en wind. De hoeveelheid is vergelijkbaar met het huidige jaarlijkse stroomverbruik van ongeveer twee miljoen huishoudens.
In onze provincie liggen ongeveer zeventig zonneparken, verspreid over de gemeenten. Je vindt ze vaak aan de randen van dorpen en steden, langs wegen en op bedrijventerreinen, of op plekken die al een andere functie hadden, zoals oude stortplaatsen of zandwinplassen.
Aan het begin van de energietransitie hadden grote zonneparken een belangrijke rol. Ze kunnen in één keer veel energie opwekken en zorgen zo snel voor meer duurzame energie. Tegenwoordig is de inpassing in het landschap een belangrijke voorwaarde voor een zonnepark. Daardoor zien we vaker kleinere zonneparken. Die leveren minder energie, maar passen beter bij de grootte van dorpen en het Groninger landschap. We zien buiten de RES geen ruimte voor nieuwe plannen voor grootschalige zonneparken op land.
We hebben liefde voor ons landschap en zijn hier dan ook zuinig op. Waar een zonnepark komt, is een zorgvuldig proces. Een zonnepark moet passen in het landschap en aansluiten bij de omgeving. Provincie en gemeenten maken daarbij een keuze met behulp van de zonneladder. Dat is een hulpmiddel om zonne-energie goed in de omgeving te laten passen.
Daarbij gaat de voorkeur uit naar daken en gevels en naar plekken die nog niet worden gebruikt of al verhard zijn, zoals bedrijventerreinen. Ook wordt bekeken of een zonnepark tijdelijk kan zijn, zodat de grond later weer een andere functie kan krijgen. Deze uitgangspunten staan in de omgevingsvisie.
Zonneparken hebben ook invloed op de natuur in de omgeving. Om te onderzoeken wat de beste manier voor de natuur is om een zonnepark in te richten, is in Groningen een onderzoek gestart naar het effect van zonneparken op de variatie in planten en dieren (biodiversiteit). Van vijftien zonneparken in de provincie worden de bodem, planten en dieren onderzocht. Uit de eerste resultaten blijkt dat zonneparken zich kunnen ontwikkelen tot een nieuw soort natuurgebied, met een eigen mix van planten en dieren.
Zonneparken leveren in korte tijd veel elektriciteit op, maar ze gebruiken ook ruimte op de grond. Door zonnepanelen op daken te plaatsen, gebruiken we de ruimte slimmer en zijn er minder nieuwe plekken nodig. Daarom kiezen we steeds vaker bewust voor zonnepanelen op daken, bedrijventerreinen en vervuilde gronden.
Dat zie je terug in de praktijk: zonnepanelen liggen steeds vaker op grote oppervlakten, zoals daken van boerenschuren, grote loodsen en winkelcentra. Ook parkeerterreinen krijgen vaker een overkapping met zonnepanelen, een zogenoemde zonnecarport.
Niet elk dak is geschikt voor zo'n grote hoeveelheid zonnepanelen. Dat hangt bijvoorbeeld af hoe het dak is gebouwd. Het dak moet het extra gewicht van de panelen kunnen dragen en veilig zijn voor installatie en onderhoud. Ook de ligging en de hoeveelheid zonlicht spelen een rol. Via de zonnekaart kunnen inwoners en bedrijven zien of hun dak geschikt is en hoeveel energie ze kunnen opwekken.
Zonnepanelen wekken vooral stroom op als de zon schijnt, vaak midden op de dag. Maar juist dan is de vraag naar stroom niet altijd het grootst. Daardoor kunnen we niet alle stroom direct gebruiken. Dit kan zorgen voor een overvol stroomnet. Er wordt gewerkt aan het uitbreiden en versterken van het elektriciteitsnet, maar dat kost tijd.
Om alle opgewekte energie goed te gebruiken, kunnen we die opslaan in batterijen en later gebruiken als de vraag groter is. Door stroom op te slaan, gaat er minder energie verloren en raakt het elektriciteitsnet minder snel vol.
Stroom opslaan gebeurt ook in grote zonneparken. Een goed voorbeeld is zonnepark Eekerpolder in de gemeente Oldambt. Dit is het grootste zonnepark van Nederland. Hier bouwen ze een grote batterij. Die slaat overdag extra zonnestroom op. Op momenten dat de vraag groter is, gebruiken ze deze stroom weer.
Een andere manier om slimmer met stroom om te gaan, zijn energiehubs. Die vind je bijvoorbeeld op een bedrijventerrein, maar ook in een wijk of dorp. Hier werken bedrijven en inwoners samen aan duurzame energie. Ze maken afspraken over het opwekken, opslaan en gebruiken van energie. Ook spreken ze af hoe ze het elektriciteitsnet gebruiken. De provincie en gemeenten helpen hierbij. Zij ondersteunen mensen en bedrijven die hiermee willen starten.
Wil je meer weten over zonne-energie in onze provincie? Kijk dan op de webpagina over zonne-energie.