Gebiedsontwikkeling A7/N33

De gemeenten Midden-Groningen, Oldambt en Veendam en de provincie Groningen hebben samen met inwoners, bedrijven en (maatschappelijke) organisaties nagedacht over de toekomst van het gebied rondom de A7/N33. Dit is het gebied vanaf de stad Groningen in oostelijke richting, met de plaatsen Hoogezand, Veendam, Zuidbroek en Winschoten. Met als resultaat een gezamenlijk, regionaal ruimtelijk-economisch perspectief.

Waarom?

We willen een sterke en aantrekkelijke regio zijn voor iedereen die woont, werkt, onderneemt of onze regie bezoekt. Voor nu, maar ook voor in de toekomst. Wat maakt het gebied rondom de A7/N33 nu aantrekkelijk en sterk? Daar hebben we als gemeenten en provincie gezamenlijk onderzoek naar gedaan en over gesproken met verschillende inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Het onderzoek en de gesprekken zijn vertaald naar een eerste versie voor een gezamenlijk, ruimtelijk-economisch perspectief voor de A7/N33-regio. Bekijk voor een toelichting de animatie op YouTube.

Denkrichtingen

De gemeenten en provincie zien veel kansen om de economische ontwikkeling en werkgelegenheid in deze regio te stimuleren, onder andere vanwege de goede verbindingen. Zij denken dat het gebied zich tussen nu en 2040 op drie manieren verder kan ontwikkelen:

  • Door het behouden, en waar mogelijk versterken, van de eigenschappen van het landschap. Denk aan groene ruimtes, plekken waar het landschap kan worden hersteld en/of behouden en ruimte voor de (kringloop)landbouw.
  • Door ontwikkelingsmogelijkheden voor het combineren van wonen en werken. Denk aan vrijkomende agrarische erven als economische broedplaatsen, het veranderen en verbeteren van verouderde bedrijventerreinen (die dicht op de woonwijken liggen) en het verder ontwikkelen van stations- en centrumlocaties.
  • Door het maken van regionaal ruimtelijk beleid voor bedrijventerreinen. Dit doen we doormiddel van:
    1. het opnieuw inrichten van bestaande bedrijventerreinen;
    2. het versterken en intensiveren van vier industrie-energieknooppunten;
    3. het benutten van restruimte op bestaande bedrijventerreinen;
    4. het ontwikkelen van nieuwe bedrijventerreinen voor bedrijven van 3 tot 10 hectare;
    5. het starten van een onderzoek naar een plek en draagvlak voor een of meer nieuwe bedrijven die kavels vragen van meer dan 20 hectare.

Door dit als gemeenten en provincie samen te doen (en dus over de gemeentegrenzen heen te kijken), versterken we onze regio. Een regio waar ontwikkelingen in landschap, leefbaarheid en economie worden gecombineerd. 

Informatiebijeenkomsten

In februari en maart 2022 zijn er verschillende inloopbijeenkomsten georganiseerd. In totaal waren dit zeven bijeenkomsten in Kolham, Zuiderbroek, Wildervank, Winschoten en Westerlee. Ongeveer 400 belangstellenden hebben de bijeenkomsten bezocht. Tijdens de bijeenkomsten is er gesproken over de mogelijke vestiging van XXL bedrijven bij Westerlee/Scheemda en in de Tussenklappenpolder en uitbreiding van het bedrijventerrein Rengers bij Kolham. Ook zijn thema's als "wonen", "landbouw", "energie" en "recreatie" besproken. Daarnaast is er gesproken over de communicatie en participatie in dit proces en het gebrek aan vertrouwen in de politiek. De reacties tijdens deze inloopbijeenkomsten zijn hier (PDF PDF-bestand, 212 KB) terug te lezen. 

Vervolg

Alle reacties worden verwerkt en gebundeld in een notitie, een reactienota. Deze reactienota is een belangrijk onderdeel voor de bestuurlijke en politieke belangenafweging en besluitvorming over het perspectief A7/N33. Na behandeling in de stuurgroep, de colleges van gemeenten en provincie, vergaderen de gemeenteraden en Provinciale Staten hierover. Zij nemen uiteindelijk een besluit over het perspectief. Het is voor iedereen mogelijk om - voorafgaand aan de behandeling in raden en Staten - tijdens een commissievergadering in te spreken. Er zijn dus nog meerdere momenten waarop de huidige versie van het perspectief kan worden aangepast. De verwachting is dat behandeling in de colleges voor de zomer van 2022 is en behandeling in raden en Staten na de zomer.