De afgelopen jaren zijn in de provincie Groningen ongeveer 400 kleine windturbines geplaatst, voornamelijk bij agrarische bedrijven. Landelijk gaat het om zo’n 850 kleine windturbines. Bij het plaatsen is gekeken naar landschappelijke inpassing en optimaal rendement. De ecologische effecten waren nauwelijks bekend, er was geen duidelijk onderzoek beschikbaar. Er werd aangenomen dat de ecologische effecten gering zouden zijn. Toen signalen binnenkwamen dat er regelmatig vliegbewegingen rondom de turbines plaatsvonden, is er onderzoek opgestart. De provincie Groningen en provincie Fryslân zijn opdrachtgever van het onderzoek dat is uitgevoerd in samenwerking met de provincies Drenthe, Overijssel, Gelderland, Noord-Holland, Zuid-Holland en Utrecht.
Uitkomsten ecologisch onderzoek
Het meerjarige monitoringsonderzoek laat zien dat kleine windturbines aanvaringen veroorzaken met vogels en vleermuizen. In totaal gaat het gemiddeld om 2,2 vogels en 0,8 vleermuizen per turbine per jaar. Het gaat om incidentele aanvaringen van minder dan één per soort, per molen, per jaar. Aanvaringen vinden vooral plaats bij turbines dicht bij erfbeplanting, gebouwen of waterlopen, dit komt door de nabijheid van vliegroutes, foerageergebied en verblijfplaatsen. Het effect per turbine is beperkt, maar de totale effecten (door het beduidende aantal kleine turbines in Groningen) kunnen voor verschillende soorten uitkomen boven de, door de Raad van State aangehouden, beoordelingsnormen. Dit zorgt ervoor dat aanvullende maatregelen nodig zijn.
Aanvaring-verminderende en beschermende maatregelen
De provincie Groningen wil maatregelen nemen om het totaal aantal aanvaringen te verlagen. Daarbij worden vervolgstappen zorgvuldig afgewogen: natuur beschermen, ruimtelijke kwaliteit borgen en duurzame lokale energie opwek ondersteunen. De komende tijd verkent de provincie twee typen maatregelen: aanvaring-verminderende en beschermende. Aanvaring-verminderende maatregelen zodat er minder aanvaringen plaatsvinden, welke in het onderzoek worden aanbevolen, zoals de turbines in augustusnachten stilzetten. Beschermende maatregelen om kwetsbare soorten te versterken, zoals het creëren van verblijfplaatsen en het ontwikkelen van voedselgebieden buiten het bereik van kleine windturbines. Nieuwe kleine windturbines zijn in principe nog steeds mogelijk, maar hiervoor is eerst een ecologische quickscan nodig. Met deze maatregelen wil de provincie haar verantwoordelijkheid nemen voor natuur en biodiversiteit en beter kunnen adviseren bij het plaatsen van kleine windturbines.
Het belang van kleine windturbines
Kleine windturbines zijn voor met name agrariërs belangrijk in de verduurzaming van hun bedrijfsvoering. Met een gemiddelde jaaropbrengst van 53.900 kWh per turbine dragen ze, samen met zonnepanelen en batterijen, bij aan een stabiele, zelfvoorzienende energiemix op bedrijfsniveau.
