Voor een opvangcentrum voor wilde dieren zijn de voorwaarden:
- de aanvrager biedt opvang in een hoofdopvangcentrum aan zieke en/of gewonde inheemse in het wild levende beschermde dieren, die zijn aangetroffen in de provincie Groningen;
- de aanvrager voldoet aan de beleidsregels kwaliteit opvang diersoorten.
Voor een dierenambulance zijn de voorwaarden:
- de aanvrager vervoert zieke en/of gewonde inheemse in het wild levende beschermde dieren, aangetroffen in de provincie Groningen naar een hoofdopvangcentrum of maakt een rit voor een ziek en/of gewond inheems in het wild levend beschermd dier, aangetroffen in de provincie Groningen, dat ter plaatse geëuthanaseerd diende te worden;
- de aanvrager is geregistreerd als erkend diervervoerder middels het Keurmerk Diervervoer en/of Nationaal Keurmerk Dierenambulances en maakt gebruik van een uitgeruste dierenambulance;
- de aanvrager houdt een register bij van de vervoerde dieren, waaruit tenminste blijkt hoeveel dieren en welke diersoorten vervoerd zijn en bij welk opvangcentrum de dieren zijn afgegeven, hoeveel dieren er zijn en welke diersoorten ter plekke geëuthanaseerd zijn.
Meer informatie vind je in de officiële regeling.
De volgende kosten komen voor subsidie in aanmerking:
- onderhoud aan dierverblijven of dierenambulances;
- opleiding/training gericht op dierverzorging;
- vaccinatie met het oog op zoönosen (infectieziektes die van dier op mens kunnen overgaan);
- loonkosten vakbekwaam dierverzorger;
- diergeneesmiddelen;
- dierenartskosten;
- diervoeding;
- energiekosten voor het dierenverblijf;
- aanschaf van essentiële hulpmiddelen voor de wildopvang, bijvoorbeeld vangmiddelen of kooien.
De maximale bijdrage is € 7.500 voor een wildopvang en € 2.500 voor een dierenambulance.