Maatregelen en metingen luchtkwaliteit

De provincie Groningen zet zich in voor een gezonde en veilige leefomgeving. We luisteren naar de zorgen van omwonenden van het industriegebied Oosterhorn en nemen maatregelen om de uitstoot van schadelijke stoffen te voorkomen en te beperken. Op deze pagina lees je wat de provincie doet, wat er is onderzocht en gemeten en wat we nog onderzoeken. Ook lees je hoe we omgaan met zorgen over de luchtkwaliteit en wat er gebeurt bij een calamiteit waarbij mogelijk schadelijke stoffen vrijkomen.

Veelgestelde vragen

We nemen meerdere maatregelen, onder andere:

  • We zorgen dat bedrijven voldoen aan de strengste milieueisen waaronder het toepassen van de beste beschikbare technieken (BBT). Dit betekent dat een bedrijf technieken moet gebruiken die het milieu het beste beschermt mits deze technisch en economisch haalbaar zijn. Denk aan het optimaliseren van het verbrandingsproces van een fabriek, overstappen op betere grondstoffen of het installeren van een moderner filtersysteem voor rookgassen. Het toepassen van BBT vermindert vervuiling van lucht, water en bodem, het beschermt de gezondheid van mensen en het stimuleert bedrijven duurzamer te werken.  
  • Bij de toepassing van de beste beschikbare technieken wordt soms gewerkt met een bandbreedte. Dit is een boven- en ondergrens waarbinnen bijvoorbeeld de uitstoot van een bepaalde stof moet blijven. Een bedrijf neemt vervolgens maatregelen om ervoor te zorgen dat de uitstoot binnen deze bandbreedte ligt. De provincie Groningen heeft als beleid dat bedrijven zoveel mogelijk aan deze onderkant van deze bandbreedte moeten voldoen. Daardoor blijft de uitstoot zo laag mogelijk.
  • Voor zeer zorgwekkende stoffen (ZZS) gelden strenge landelijke regels. ZZS zijn stoffen die schadelijk kunnen zijn voor mens en milieu. Bedrijven moeten hun uitstoot van deze stoffen in kaart brengen en deze zo veel mogelijk naar nul terugbrengen. Dit heet de minimalisatieplicht. De provincie controleert of bedrijven zich aan deze regels houden en de beste beschikbare technieken gebruiken om de uitstoot te beperken.
  • De provincie doet mee aan het Schone Lucht Akkoord. Met de aanpak van de binnenlandse bronnen van luchtvervuiling, zoals verkeer, landbouw en houtstook, streven we samen met alle andere deelnemers naar een gezondheidswinst van minimaal 50 procent in 2030 ten opzichte van 2016 op landelijke schaal. Dit doen we door het uitvoeren van verschillende maatregelen.
  • We stimuleren gemeenten om ook het Schone Lucht Akkoord te ondertekenen en/of maatregelen te nemen om de luchtkwaliteit op lokaal niveau te verbeteren;
  • We zorgen dat vergunningen van bestaande bedrijven actueel blijven. Hiervoor verbeteren we onze registratie van vergunningen, zodat we sneller zien wanneer een vergunning moet worden bijgewerkt.
     
  • De Omgevingsdienst Groningen (ODG) controleert in opdracht van de provincie of fabrieken zich houden aan de milieuregels. Om dit beter kunnen doen als het gaat om de uitstoot zet de ODG een luchtmeetdienst op. Hierdoor kan de ODG zelf de uitstoot meten bij de bron (bv een schoorsteen) als dat nodig is. De ODG is daardoor minder afhankelijk van metingen door externe advies- en onderzoeksbureaus. We gebruiken deze metingen om te controleren of de maatregelen bij een fabriek werken en of bedrijven zich aan de regels in hun vergunning houden. Ook kunnen we extra metingen laten uitvoeren als er aanwijzingen zijn voor een overtreding. Grote bedrijven hebben zelf meetverplichtingen. Die metingen worden gecontroleerd door de ODG.
  • We houden het meetnet voor Silicium Carbide (SiC) vezels in stand rondom het industriegebied de Oosterhorn in de gemeente Eemsdelta.
  • In 2025 is er een achtergrondmeetstation in Baamsum geplaatst voor het meten van fijnstof. Hier wordt de achtergrondconcentratie van fijnstof in de lucht gemeten. Dit betekent de concentratie van fijnstof zonder dat er direct duidelijke aanwijsbare bronnen zijn zoals verkeer of industrie.
  • We zorgen voor aanlevering van goede gegevens (data) over luchtkwaliteit bij het Rijk, zodat zij goed inzicht kan geven in de ontwikkeling van luchtkwaliteit in de regio. Dat is ook weer belangrijk voor onze eigen beleidsvorming en uitvoering.

Een meetnet is een netwerk van vaste meetstations in een gebied. Deze stations meten de aanwezigheid van één of meerdere stoffen in de lucht over een langere periode (meerdere maanden). Zo krijg je een beeld van de luchtkwaliteit en van de invloed en bijdragen van bronnen zoals industrie, verkeer, houtkachels en andere activiteiten. De metingen laten zien hoe de luchtkwaliteit zich in de loop van de tijd ontwikkelt, maar toont niet aan welke specifieke bron waar verantwoordelijk voor is. 

Er is een landelijk luchtmeetnet. Dit meetnet bestaat uit verschillende meetpunten verspreid over Nederland en meet de luchtkwaliteit in Nederland. Daarmee wordt gevolgd hoe de luchtkwaliteit in Nederland zich ontwikkelt, op de korte en op de langere termijn. Je kunt voor verschillende stoffen ook bijvoorbeeld zien hoe de situatie op dit moment is. In de provincie Groningen staan drie meetstations, twee in de stad Groningen en één in Baamsum. Ook aan oostkant van Lauwersmeer, net in Friesland, staat een meetstation. 

Ja, de luchtkwaliteit is uitgebreid onderzocht door TNO met behulp van een tijdelijk meetnet. In de 2018 en 2019 is de luchtkwaliteit gemeten met meetlocaties op en om het industrieterrein en plaatsen in de omgeving. Dit is gedaan in overleg met omwonenden. Daarbij is specifiek gekeken naar de uitstoot van industrie. De Gezondheidsdienst Groningen (GGD) Groningen heeft vervolgens onderzocht wat de resultaten betekenen voor de gezondheid. Dit heet een gezondheidskundige risicobeoordeling. 

Uit metingen bleek dat stoffen zoals fijnstof, PAK, roet, cadmium, lood, arseen, kwik en vanadium ruim onder de wettelijke grenswaarden liggen. Bekijk het volledige TNO rapport. De GGD heeft beoordeeld of de gemeten stoffen risico's kunnen opleveren voor de gezondheid. De GGD stelt in de bijbehorende rapportage: "De gemeten stoffen in de leefomgeving vallen voornamelijk ruim onder de grenswaarden. Om deze reden achten we het risico op negatieve gezondheidseffecten gering, maar niet uit te sluiten."

De GGD merkt ook op dat de concentraties van sommige gemeten stoffen niet of nauwelijks verschillen van concentraties in de rest van Nederland. Bekijk de GGD rapportage.

Ja. Er staan 6 meetpalen die SiC-vezels meten. Dit is het huidige meetnet. Bekijk de meest recente meetrapportage. Uit de laatste meetperiode (2 februari – 29 april 2026) blijkt dat op géén van de meetlocaties de door het RIVM gemiddelde risicogrens (waarbij schadelijke effecten kunnen ontstaan) wordt overschreden. Op dit moment vinden tijdelijk geen metingen plaats omdat via een aanbesteding een nieuw bedrijf moet worden geselecteerd die de metingen uitvoert en analyseert. De verwachting is dat de metingen medio 2027 weer opgestart kunnen worden.

Sinds 2025 is er een meetstation bij Baamsum dat ‘real time’ fijnstof meet. Dit meetstation is onderdeel van het landelijk luchtmeetnet. Zie www.luchtmeetnet.nl.

Daar is op dit moment geen aanleiding voor. Uit onderzoeken (TNO & GGD Groningen) blijkt dat de  uitstoot van de industrie onder de wettelijke normen blijft. We kiezen er bovendien voor om te investeren in maatregelen voor in het proces, bij zowel huidige als nieuwe bedrijven, om de uitstoot zoveel mogelijk te voorkomen en beperken. 

De regio Rotterdam/Rijnmond is niet goed te vergelijken met industriegebied de Oosterhorn. In Rotterdam/Rijnmond is en was de luchtkwaliteit slechter dan in onze regio. Dit komt omdat in dit dichtbevolkte gebied sprake is van grotere, zwaardere en andere industrie die jarenlang voor zware vervuiling heeft gezorgd. Maar het is vooral één van de drukste verkeersregio’s van het land waarbij (zee)scheepvaart, vrachtvervoer en ‘normaal’ verkeer een grote impact hebben op de luchtkwaliteit.

Het meetnet in de regio Rotterdam-Rijnmond meet meerdere bronnen, zoals verkeer, landbouw, scheepvaart, industrie en houtstook. Het meetnet daar kent een andere toegevoegde waarde. Het meetnet in de regio Rotterdam-Rijnmond geeft voor bepaalde stoffen een actueel beeld van de luchtkwaliteit. Dit is vergelijkbaar met de drie achtergrond meetstations in onze provincie.

Grote industriële bedrijven zijn verplicht om zelf hun uitstoot te meten met behulp van een onafhankelijk gecertificeerd bedrijf. Zij meten bij de bron en vermelden wat is gemeten in een milieujaarverslag. De Omgevingsdienst Groningen controleert of bedrijven hun meetverplichtingen uitvoeren.

De Omgevingsdienst Groningen (ODG) controleert in opdracht van de provincie of fabrieken zich houden aan de milieuregels zoals regels over de uitstoot. Wij vinden het zinvol om uitstoot bij de bron te meten, bijvoorbeeld in een schoorsteen van een fabriek. Met metingen in de omgeving kunnen we meestal niet goed vaststellen waar stoffen vandaan komen. Op dit moment worden deze metingen nog uitgevoerd door gespecialiseerde bedrijven in opdracht van de ODG. Met een eigen luchtmeetdienst kan de Omgevingsdienst zelf metingen uitvoeren bij de bron. Hierdoor kan zij sneller en flexibeler meten en kan sneller actie worden ondernomen bij klachten. De luchtmeetdienst van de Omgevingsdienst Groningen moet voor deze metingen aan dezelfde eisen voldoen als de gespecialiseerde bedrijven die nu nog de metingen uitvoeren. 

Zoals gezegd, de grote industriële bedrijven zijn verplicht hun uitstoot zelf te meten en hierover te rapporteren. De Omgevingsdienst controleert deze rapporten. De Omgevingsdienst laat controlemetingen uitvoeren en gaat dat ook zelf doen met behulp van hun eigen luchtmeetdienst.  Daarnaast controleert de Omgevingsdienst regelmatig of bedrijven zich aan de regels in hun vergunning houden. Als het nodig is, treden zij handhavend op.

De provincie:

  • Blijft in gesprek met omwonenden en gaat actiever communiceren over wat de provincie in dit gebied doet;
  • Blijft ontwikkelingen in het industriegebied volgen;
  • Overlegt met de veiligheidsregio, de GGD, Groninger Seaports en de gemeente Eemsdelta over de communicatie bij calamiteiten.

Je kunt als omwonende  via de Hinderapp geur- en geluidhinder melden. Door gebruik te maken van de Hinderapp helpt u mee om zichtbaar te maken wat er gebeurt in hun leefomgeving. De Hinderapp geeft de betreffende inwoners, de gemeenten, de provincie Groningen en de Omgevingsdienst Groningen inzicht in de hinder die inwoners ervaren. Dat is belangrijke informatie bij het maken van nieuw milieubeleid en in het kader van de nieuwe Omgevingswet. Op deze manier werken verschillende partijen samen aan een veilige en schone leefomgeving.

Nee, een meetnet is daar niet geschikt voor omdat:

  • Bij een calamiteit vooraf niet bekend is welke stoffen mogelijk vrijkomen en een meetnet meet
    alleen een aantal op voorhand bepaalde stoffen met als doel trends en ontwikkelingen op
    langere termijn inzichtelijk te maken.
  • Een meetnet meet hoeveel van een specifieke stof in de lucht aanwezig gedurende een langere
    periode en meet dus niet welke stoffen op een bepaald moment, bijvoorbeeld bij een calamiteit,
    in de lucht aanwezig zijn.
  • Lang niet alle stoffen zijn direct te meten omdat hier bijvoorbeeld geen geschikte
    meetapparatuur voor is. Dit betekent stoffen gemeten worden door middel van een
    monstername en analyse achteraf in een laboratorium.

Het meten van stoffen die bij calamiteiten vrijkomen vraagt om flexibiliteit en maatwerk. De Veiligheidsregio Groningen (VRG) is hiervoor verantwoordelijk en meet bij grote incidenten ter plaatse de stoffen die vrijkomen. Indien nodig worden inwoners gewaarschuwd bijvoorbeeld via een NL-Alert. Hier gelden duidelijke protocollen voor.

Bedrijven die met gevaarlijke stoffen en gassen werken, denk aan chloor en ammoniak, monitoren ook zelf. Als er een incident is, wordt dit vroegtijdig gesignaleerd. Een bedrijf handelt dan meteen en als dat nodig is worden omwonenden gewaarschuwd (al dan niet in afstemming met de Veiligheidsregio).

Samenvatting

  • Uit onderzoeken (TNO & GGD Groningen) blijkt dat de uitstoot van de industrie ruim onder de wettelijke normen blijft.
  • Uitbreiding van het meetnet rondom de Oosterhorn met andere stoffen is op basis hiervan nu niet nodig.
  • De metingen van SiC—vezels en fijnstof blijven doorgaan.
  • De focus ligt op voorkomen en beperken van uitstoot vooraan in het proces en metingen bij de bron.
  • Communicatie naar inwoners wordt versterkt.

Meer informatie