Uitbreiding agrarische bedrijven

Uitbreiding van agrarische bedrijven vraagt om maatwerk

Om een gezond agrarisch bedrijf op te kunnen bouwen kan het voor een boer noodzakelijk zijn, zijn bedrijf verder uit te breiden met stallen, silo's of andere gebouwen. Om aantasting van het landschap te voorkomen mogen boeren niet overal in onze provincie hun bedrijf uitbreiden. Het uitbreiden van een agrarisch bedrijf is in principe alleen toegestaan binnen de bouwpercelen die in het bestemmingsplan zijn aangegeven. Voor hele grote bedrijfsuitbreidingen, die aanvaardbaar zijn voor het  landschap, de cultuurhistorie en de plattelandswegen biedt het Provinciaal Omgevingsplan toch ruimte (artikel 4.22 van de Omgevingsverordening 2009).

Maatwerk bij bedrijfsuitbreiding

We beoordelen grote bedrijfsuitbreidingen altijd heel precies. Daarover overlegt  het provinciaal bouwheerschap met de agrarische ondernemer en de gemeente. Uitgangspunt daarbij is dat het plan zowel bijdraagt aan een aantrekkelijk landschap als aan een logische bedrijfsvoering, waar de boer ook in de toekomst mee uit de voeten kan. We willen geen verrommeling van het landschap en vinden het daarom belangrijk dat bedrijfsgebouwen een logische plek en passende vormgeving krijgen. Het gaat daarbij altijd om maatwerk.

Criteria voor alle bedrijfsuitbreidingen

Een agrarische bedrijfsuitbreiding moet aan een aantal criteria voldoen. Het gaat hierbij om

  1. het respecteren van de historisch gegroeide landschapsstructuur;
  2. het afstand houden tot ruimtelijke elementen (zoals bepaalde gebouwen, bossages en laanbeplanting);
  3. een goede infrastructurele ontsluiting;
  4. een zorgvuldige en evenwichtige ordening, maatvoering en vormgeving van de bedrijfsgebouwen;
  5. een erfinrichting (bebouwing, open werkruimte en beplanting) die is afgestemd op het landschapstype;
  6. het zoveel mogelijk slopen van gebouwen die na de uitbreiding niet meer nodig zijn voor de bedrijfsvoering.

Mogelijkheden

In eerste instantie beoordeelt de gemeente de mogelijkheden voor een bedrijfsuitbreiding. Als blijkt dat er mogelijkheden zijn, dan praten de aanvrager, gemeente en het provinciaal bouwheerschap samen verder over de omvang en de vorm van de uitbreiding. Dit noemen we een keukentafelgesprek. De ervaring heeft ons geleerd dat plannen bijna altijd nog passend gemaakt moeten worden. Het is dus verstandig om in een vroeg stadium over de plannen te praten en niet van tevoren al een compleet bouwplan op te stellen.

Procedure

In het keukentafelgesprek beoordelen we eerst of de uitbreiding aan de eerste vier criteria kan voldoen. Is dat niet het geval, dan gaat de uitbreiding niet door. Is de beoordeling positief, dan kijken we vervolgens hoe de gewenste landschappelijke kwaliteit (criteria 5 en 6) gehaald kan worden. Bij het keukentafelgesprek is ook de architect van Libau (Welstandszorg) aanwezig om de architectonische vormgeving, het materiaalgebruik en de kleurstelling van de gebouwen te bespreken. Landschapsbeheer Groningen maakt kosteloos een plan voor de erfbeplanting. In een overeenkomst verplicht de aanvrager zichzelf om dit beplantingsplan uit te voeren en te beheren. De agrariër dient vervolgens bij de gemeente een aanvraag in voor het aanpassen van het bestemmingplan voor de bouwblokuitbreiding.

Als het gaat om een vergroting van het bouwblok tot meer dan twee hectare, dan moet daarvoor een zwaardere  afweging plaatsvinden. In die gevallen is er niet alleen een aanpassing van het bestemmingsplan nodig door de gemeente, maar ook een ontheffing van de provincie.

Procesmatrix

Voor agrarische bedrijven van 1,5 hectare of groter maken we bij de keukentafelgesprekken gebruik van een procesmatrix (PDF PDF-bestand, 56 KB). Deze is bedoeld voor ondernemers, adviseurs en beleidsambtenaren. Het geeft inzicht in wat en wanneer er van de betrokken partijen iets verwacht wordt. Ook geeft de matrix een tijdpad en afwegingskader weer. Voor kleinere bedrijven is het proces wat compacter.

Meer informatie

In de nota Agrarische bouwblokken en landschap, doorvertaling regio Oost en de nota Agrarische bouwblokken en landschap - pilot regio Noord staat in drie zones (nee, nee tenzij, of ja mits) aangegeven wat in principe de mogelijkheden voor uitbreidingen zijn. Dat heeft te maken met de ligging van de boerderij, de ontsluiting en ook met de kwetsbaarheid van het landschap eromheen. U kunt de nota's onderaan de pagina downloaden. De gemeenten Zuidhorn, Grootegast, Leek en Marum nemen voor de regio West vergelijkbaar beleid op in de bestemmingsplannen buitengebied. Informeer bij uw gemeente over de stand van zaken.

Heeft u na het lezen van deze informatie nog vragen? Neem dan contact op met Linda Noorman van het Provinciaal Bouwheerschap Groningen, telefoonnummer 050 - 316 45 76.

Downloads