Agrarisch natuurbeheer in Groningen

Vanaf 2016 wordt het agrarisch natuurbeheer op een andere manier georganiseerd. Boeren krijgen alleen nog subsidie als ze in collectieven het beheer van natuur- en landschap verzorgen, in gebieden die aantoonbaar belangrijk zijn voor akker- en weidevogels. In de Groninger landbouwgebieden liggen allerlei waardevolle onderdelen van het landschap zoals wierden, boerenerven, maren, houtsingels, poelen en oude dijken.

Collectieven

In Groningen wordt het beheer van natuur en landschap in agrarisch gebied geregeld door drie collectieven. Dit zijn organisaties van en door boeren die gezamenlijk bepalen welke natuur- en landschapswaarden waar beschermd worden. De collectieven zijn:

Beschermde leefgebieden

Er zijn vier soorten agrarische leefgebieden waarin natuur- en landschapswaarden, een combinatie van vogels en landschap, worden beschermd:

  • leefgebied open weiden (vooral weidevogels);
  • open akkers (vooral akkervogels);
  • droge dooradering (vooral houtsingels);
  • natte dooradering (sloten en oevers).

Voorbeelden leefgebieden

Voorbeelden van geschikte leefgebieden zijn Middag-Humsterland, waar het kleinschalige landschap en weidevogels samengaan of een strook rondom het Natuurnetwerk in Westerwolde voor struikgewas en akkervogels. Andere geschikte gebieden zijn het Wierdenland en de Waddenkust, waar rietvogels en waterlopen gecombineerd worden. En de Veenkoloniën, waar akkervogels samengaan met waterkwaliteit en landschap. Het houtsingelgebied in het Westerkwartier is een voorbeeld van een landschap dat alleen in stand blijft met onderhoud van de elzensingels.

Europees beleid

Het nieuwe beleid voor agrarisch natuur- en landschapsbeheer van de provincie Groningen sluit aan bij het nieuwe Europese landbouwbeleid, waarin landschapsbeheer bijdraagt aan de bevordering van biodiversiteit.

Reitdiep Midden

weidevogels

Downloads