Jan Gerrit Jordens

Negen jaar woonde Jan Gerrit Jordens (Wageningen 1883 - 1962 Groningen) in het Noord-Groninger dorp Warffum, waar hij als tekenleraar werkte op de Rijks HBS en directeur was van de Avondtekenschool. Ondertussen bezocht hij Academie Minerva en behaalde daar in 1916 de akte middelbaar lijntekenen. Jordens koos domicilie in de stad Groningen, nadat hij in datzelfde jaar zijn Warffumse werkgever verruilde voor de rijks hbs in de stad Groningen. Nog weer later was hij werkzaam op de gemeentelijke hbs.

Schilderij van Jan Gerrit Jordens
Nieuwe werken Delfzijl, Sluis Farmsum - 1956, olie

Als docent ontwikkelde hij een voor die tijd bijzondere lesmethodiek en voerde als eerste in het Nederlandse tekenonderwijs het lineoleumsnijden en de vrije expressie in. Kort nadat in 1918 de Groninger Kunstkring De Ploeg werd opgericht, zocht hij aansluiting als lid. Jordens bleek veelzijdig in zijn kunstenaarschap: zowel qua stijl als techniek zocht hij steeds het experiment. In de jaren twintig maakte hij zoals veel Ploeg-leden expressionistisch werk, hoewel dat van hem een grotere verwantschap vertoonde met het Zuiden dan met het Noord-Duitse expressionisme van Die Brücke. Daarna was er sprake van een kubistische oriëntatie, terwijl hij decennia later, in de jaren vijftig, in toenemende mate de figuratie losliet en uiteindelijk tot volledig abstract werk kwam. Zijn liefde voor De Ploeg duurde niet eeuwig: inmiddels op respectabele leeftijd gekomen, richtte hij samen met Jan van der Zee in 1950 Het Narrenschap, een nieuwe Groninger kunstenaarsvereniging, op.

In 1959 sloot hij zich nog aan bij kunstenaarsgroep NU, nadat Het Narrenschip schipbreuk had geleden. Jordens’ artistieke oeuvre en didactische kwaliteiten werden in 1956, acht jaar na zijn pensionering als tekendocent, bekroond met de Culturele Prijs van de provincie Groningen.