Provincie praat Kamer bij over versterkingsprogramma aardbevingsgebied

De provincie en minister Henk Kamp van Economische Zaken hebben een verschil van inzicht over de duur van het versterkingsprogramma voor woningen in het aardbevingsgebied. In het Meerjarenprogramma is hier vijf jaar voor uitgetrokken, maar die termijn wordt door de provincie anders geïnterpreteerd dan door Kamp. De provincie vindt dat Kamp het meningsverschil onvoldoende onder de aandacht heeft gebracht bij de Tweede Kamer en heeft daarom een brief gestuurd om de Kamerleden er alsnog over in te lichten.

Grote versterkingsopgave 

In de brief geeft de provincie aan dat de termijn voor de versterkingsopgave ingegaan is op 1 januari 2016. Dat zou betekenen dat er nog vier jaar nodig is om de woningen te versterken. Kamp heeft echter aangegeven dat die termijn ingaat vanaf het moment een bepaalde woning is geïnspecteerd. Bij een woning waar bijvoorbeeld de inspectie over drie jaar plaatsvindt, kan het dus nog acht jaar duren voordat deze is versterkt, staat in de brief te lezen. Volgens de provincie is de versterkingsopgave groter dan gedacht en moeten er de komende jaren nog tussen de 20.000 en 30.000 woningen worden aangepakt.

Gaswinningsniveau omlaag

Die periode van vijf jaar vormt echter wel de basis voor het gaswinningsbesluit van Kamp. Volgens de provincie heeft de interpretatie van Kamp dan ook consequenties voor het gaswinningsniveau: dat moet omlaag om ervoor te zorgen dat de Groningers de komende jaren veilig kunnen wonen en werken in het gebied. Met de brief aan de Kamer wil de provincie nogmaals benadrukken hoe vanuit de regio wordt aangekeken tegen het Meerjarenprogramma, zodat dit kan worden meegenomen in het debat in Den Haag over mijnbouw, op 15 februari.