Nederland in balans

Een voorzet van de krimpregio's naar het Rijk voor maatregelen op een aantal speerpunten.

Groningen, Friesland, Gelderland, Zeeland en Limburg ervaren dat Nederland niet in balans is. Wat de provincies betreft zijn stevige investeringen nodig op het gebied van economie en arbeidsmarkt, (digitale) bereikbaarheid, de particuliere woningvoorraad en de aanpak van leegstand van maatschappelijk vastgoed. Dat schrijven de vijf in het position paper ‘Nederland in balans’. De provincies pleiten voor een nieuwe koers: van symptoombestrijding naar structuurversterking.

De afgelopen jaren hebben Rijk, provincies, regio’s en gemeenten zich ingezet om de gevolgen van bevolkingsdaling op te vangen in de regio’s waar de trend het meest manifest is. Het lukt op lokaal en regionaal niveau om tot vernieuwende oplossingen te komen in de zorg, het onderwijs en economische vernieuwing. Dat tekent de veerkracht van de regionale bevolking. De provincies waarderen de inspanningen van het Rijk. Op dezelfde voet doorgaan of zelfs een stapje terug, zoals in het nieuwe Actieplan Bevolkingsdaling van het Rijk wordt voorgesteld, zal echter tot grotere achterstanden leiden en de onbalans in Nederland vergroten.

Voor Nederland is het beter als de krimpregio’s tot hun volle economische potentie kunnen komen. De vijf provincies met krimpregio’s zijn daarom van mening dat er een trendbreuk nodig is. Met het position paper willen ze het Rijk inspireren om met een ander perspectief te kijken.
Provincies, gemeenten en regio’s kunnen het niet alleen. Inzet en commitment van het Rijk zijn en blijven hard nodig zijn in de krimpregio’s. De provincies vinden dat er voor hun krimpregio’s een structureel investeringspakket nodig is van het Rijk: een meerjarige impuls van € 350 - 400 miljoen per jaar over een periode van 15 tot 20 jaar voor onder meer om-, her- en bijscholing, goede (digitale) infrastructuur, een (sloop)fonds voor particuliere woningen en bijdragen voor de sloop, herbestemming en herstructurering van maatschappelijk vastgoed zoals scholen en sportvoorzieningen (waarvan een groot deel leeg staat of leeg komt te staan in krimpgebieden).

De grote steden hebben indertijd hun positie kunnen herstellen door ruime beschikbaarheid van nationale middelen ten tijde van de stadsvernieuwing. Hetzelfde effect zien de provincies voor de krimpregio’s als structureel en integraal aan de opgaves in deze gebieden wordt gewerkt.

Downloads