Veelgestelde vragen

Een energietransitie is een veelomvattend dossier. Vragen die veel gesteld worden hebben we hieronder in een overzicht gezet.

Windenergie

We hebben windenergie nodig omdat het schoon en oneindig is. Windenergie is op dit moment de goedkoopste duurzame energiebron. Meer duurzame energie is nodig om klimaatverandering tegen te gaan en minder afhankelijk te worden van energie uit het buitenland. Om genoeg schone stroom te produceren, hebben we naast wind, ook zon, water, aardwarmte en biomassa nodig.

De Rijksoverheid wil in 2020 6.000 megawatt (MW) wind op land en 4.450 MW wind op zee behalen. Dat staat gelijk aan 2.000 tot 3.000 windmolens die 4 tot 5 miljoen huishoudens van elektriciteit voorzien. Iedere provincie neemt een deel hiervan voor zijn rekening. In het Energieakkoord zijn afspraken gemaakt over de verdeling. De provincie Groningen heeft afgesproken in 2020 855,5 MW aan windenergie op land te behalen.  Dit is ongeveer 19% van de landelijke doelstelling.

Om voldoende duurzame energie te produceren in de toekomst hebben we zowel windmolens op land als op zee nodig. Het is dus niet of-of, maar en-en. Ook op zee is de ruimte voor windenergie beperkt. Naast het opwekken van windenergie hebben bijvoorbeeld ook de natuur, scheepvaart, visserij, militaire oefengebieden en gaswinning ruimte nodig.

In 2017 werd het  Gemini-windpark geopend, 85 kilometer boven de Groningse kust. Het park bestaat uit 150 windturbines van elk 4 MW. Met 600 MW is het een van de grotere parken in Nederland. Aansluitend op het Gemini-windpark komt nog een windpark met een vermogen van 700 MW. Dat park moet in 2026 klaar zijn.

Met alleen zonne-energie redden we het niet. Een windmolen produceert net zoveel stroom als 12 voetbalvelden met zonnepanelen. Windenergie is op dit moment de schoonste en goedkoopste optie voor duurzame energie. Een belangrijk verschil is dat een zonnepark een heel gebied bedekt, terwijl bij windmolens het gewone gebruik (zoals landbouw) gewoon kan doorgaan. Bovendien vullen wind en zon elkaar aan. Zonne-energie is er vooral midden op de dag en in de zomer, terwijl het vooral in het najaar en in de winter harder waait.

In onze provincie hebben we 3 concentratiegebieden aangewezen voor windmolens, in de Eemshaven, in Delfzijl en bij de N33. Daarbuiten staan nog zo’n 85 windmolens verspreid in de provincie. In nieuw beleid voor windenergie willen we meer ruimte maken voor de komst van windmolens. Daarover gaan we in 2019 met inwoners in gesprek.

Ontwikkelaars, coöperaties, bedrijven, instellingen, boeren en grondeigenaren. Vaak gaat het om een samenwerkingsverband.

Ja, absoluut, dat is zelfs de bedoeling. We vinden het belangrijk om met omwonenden in gesprek te gaan over hoe u het beste betrokken kunt worden bij de ontwikkeling van windenergie. Dat gaat over hoe u geïnformeerd wilt worden, over mogelijke locaties, over de voorwaarden voor het plaatsen van windmolens, maar ook hoe de omgeving kan meeprofiteren van een windpark.

Door luchtverplaatsing en bewegende onderdelen zoals de tandwielen maakt een windmolen geluid. Hoe hard het geluid is hangt af van de windsnelheid en de afstand van de windmolen tot uw woning of werkplek. Er zijn wettelijke normen voor de hoeveelheid geluid die windturbines mogen maken. Een windmolen staat minimaal 300 meter van de dichtstbijzijnde huizen. Op die afstand hoor je ongeveer evenveel geluid als van je koelkast.

Met slagschaduw wordt de bewegende schaduw van de wieken bedoeld. Slagschaduw is er vooral als de zon laag staat. In de wetgeving zijn regels opgenomen om overlast door slagschaduw te beperken. Om binnen de regels te blijven, worden windturbines soms tijdelijk stilgezet.

Dat is in de wet geregeld. Wie kan aantonen dat zijn huis door de komst van windmolens echt minder
waard is geworden, komt mogelijk in aanmerking voor planschade. Een verzoek voor
planschade kunt u indienen bij de gemeente nadat het bestemmingsplan of de omgevingsvergunning in afwijking van het bestemmingsplan onherroepelijk is geworden.

Windmolens hebben invloed op natuur en dieren. Het effect hierop wordt onderzocht binnen de verplichte Milieu Effect Rapportage. Ook de flora en faunawetgeving stelt daar voorwaarden aan. Windmolens zijn verantwoordelijk voor minder dan 1% van alle vogelslachtoffers. We willen zo veel mogelijk voorkomen dat vogels slachtoffer worden. Daarom maken we afspraken met ontwikkelaars om tijdens massale vogeltrek windmolens uit te zetten. Daarvoor wordt radartechnologie gebruikt. Snelwegen, hoogspanningsmasten en katten maken de meeste slachtoffers onder vogels.

Een windmolen produceert in de eerste 3 tot 6 maanden net zoveel energie als de productie en bouw ervan kost. Daarna levert de windmolen nog 15 tot 20 jaar schone stroom.

Een moderne windmolen levert al gauw 3 MW (3.000 kilowatt). Een windmolen van 3 MW produceert per jaar ongeveer 6 tot 7,5 miljoen kWh aan elektriciteit. Zo’n turbine kan elektriciteit opwekken voor 1.800 tot 2.200 huishoudens. De opbrengst van een windturbine hangt af van de grootte van de wieken, de hoogte van de molen en de plaats waar de turbine staat. 

Een windmolen met een vermogen van 3 MW en jaarlijkse productie van 6.6 miljoen kWh, levert genoeg stroom voor 100 kermissen, 100 popconcerten, 30.000 televisies, of 350 verlichte sportvelden.

Hoe hoger je komt, hoe harder het waait en hoe stabieler het windaanbod. Bovendien leveren 2 keer zo lange rotorbladen (wieken) 4 keer meer productie op. Een windmolen met 180 meter tiphoogte levert 2 keer zoveel stroom als een windmolen van 120 meter, waardoor er meer elektriciteit wordt opgewekt met minder molens.

De provincie vindt het belangrijk dat de lusten en de lasten van windenergie eerlijk verdeeld worden. Bij de ontwikkeling van windparken voert de provincie (en ook de gemeente) overleg met initiatiefnemers over compensatie voor omwonenden. We adviseren initiatiefnemers om in een vroeg stadium in gesprek te gaan met omwonenden. Compensatie is mogelijk in de vorm van een leefbaarheids- of duurzaamheidsfonds, mogelijkheden om mee te doen (participatie) of korting op geleverde elektriciteit.

Bedrijven en instellingen die hernieuwbare energieprojecten willen starten, zoals het plaatsen van een windturbine op land, kunnen gebruik maken van de subsidieregeling Stimulering Duurzame Energieproductie (SDE+). Deze regeling wordt uitgevoerd door de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en valt onder de minister van Economische Zaken.

Bewonersgroepen die willen beginnen met energie besparen of opwekken, kunnen gebruikmaken van een startsubsidie. Ook is het mogelijk een lening aan te vragen voor energieprojecten.

Energie besparen

Door het provinciehuis te renoveren, besparen we veel energie. En we kopen samen met 13 Groninger gemeenten, de Veiligheidsregio en de Omgevingsdienst energie in voor honderden publieke gebouwen, bruggen en straatverlichting in de provincie. Die energie komt uit nieuwe, duurzame bronnen uit de regio. Verder vervangen we onze voertuigen door elektrische auto’s of auto’s op groen gas. En projecten als ‘Check je warmtelek’ en ‘Speur de Energieslurper’ maken onze medewerkers bewust van mogelijke maatregelen om energie te besparen.